10 november 2017

Mobiliteit in Nederland staat aan de vooravond van een radicale verandering. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat iedereen meebeweegt in de goede richting?

Mobiliteit: een duwtje in de goede richting

Het valt veel mensen niet meer op, maar de manier waarop wij ons land hebben ingericht is sterk gebaseerd op mobiliteit en vervoer met de auto (en in minder mate het ov). In Nederland wordt 72 procent van alle reiskilometers afgelegd in een personenauto.

Doordat we nog steeds massaal in de auto stappen neemt de druk op mobiliteit steeds meer toe. Volgens de experts duurt het niet lang meer totdat het systeem vast loopt. In de stedelijke gebieden wonen en werken steeds meer mensen, maar er is geen ruimte voor extra auto’s. Op het platteland neemt de bevolking juist af en wordt openbaar vervoer schaars en onbetaalbaar. Er is behoefte aan een nieuw mobiliteitssysteem, dat groener is, minder beslag legt op schaarse ruimte en ook ouderen en gehandicapten in staat stelt te participeren in de samenleving.

 

Een nieuwe omwenteling in mobiliteit

Op dit moment rijden er meer dan 8,2 miljoen personenauto’s rond op de Nederlandse wegen. Hoe ontzettend groot is het contrast met 1896, toen er slechts 2(!) auto’s rond reden. Wie destijds zei dat de auto het belangrijkste vervoersmiddel zou worden, werd voor gek verklaard. Het duurde tot na de Tweede Wereldoorlog dat het autobezit in Nederland echt explosief steeg. Maar vanaf toen heeft de opkomst van de auto onze kijk op mobiliteit en de manier van verplaatsen ingrijpend veranderd.

Anno 2017 staan we andermaal aan de vooravond van een soortgelijke omwenteling als de Nederlandse bevolking in 1896. De in rap tempo elkaar opvolgende technologische ontwikkelingen laten ook de mobiliteit niet ongemoeid. Auto’s, vrachtwagens, openbaar vervoer en fietsen worden met elkaar verbonden en gaan met elkaar en met de weg communiceren, zonder tussenkomst van bestuurders. De zelfrijdende auto is één van de concepten die model staat voor een toekomst die met ongekende snelheid op ons afkomt.

Alleen hoe gaan we de technologische ontwikkelingen, de toenemende druk op mobiliteit en het implementeren van een ‘nieuw’ systeem realiseren? Misschien wel door iedereen een subtiel duwtje in de goede richting te geven.

 

De juiste keuzes?

Hoe kunnen wij mensen in onze omgeving of in de samenleving ertoe brengen om de juiste keuzes te maken, keuzes waardoor zij gezonder en gelukkiger worden, en waardoor zij over meer welvaart en vrijheid beschikken?

Deze vragen zijn ook van groot belang op het gebied van mobiliteit. We nemen namelijk dagelijks talloze beslissingen, maar helaas blijkt dat veel van onze keuzes achteraf verkeerd uit te pakken. Dit komt doordat wij ons – menselijk als we zijn – laten leiden door vooroordelen. En op het gebied van mobiliteit en autogebruik zijn er genoeg vooroordelen. Zoals angst voor de zelfrijdende auto’s, het vasthouden aan het bezit van een auto of altijd de auto gebruiken als mobiliteitsoplossing om jezelf van A naar B te verplaatsen. Helaas betalen wij voor onze blunders een hoge prijs: onze welvaart en gezondheid gaan achteruit.

Waarom niet?

Maar waarom maken mensen dan niet altijd de juiste keuzes? Volgens de Amerikaanse gedragseconoom en Nobelprijswinnaar Richard Thaler komt dit door twee relevante sociaal psychologische eigenschappen: status-quo bias en gevoeligheid voor framing.

  1. Status-quo bias is de natuurlijke neiging van mensen de status-quo te willen behouden en dus niet af te wijken van hun huidige situatie. Zeker als een beslissing fysiek gezien moeite kost en mentaal gezien moeilijk te maken is doordat de uitkomsten hiervan onduidelijk of onzeker zijn (bijvoorbeeld bij veel keuzemogelijkheden of onduidelijkheid).
  2. Framing is het fenomeen waarbij keuzes bepaald worden door de manier waarop de situatie/het probleem wordt neergezet. Thaler geeft hierbij het voorbeeld van creditcardbedrijven in de US in de jaren zeventig van de vorige eeuw. Omdat creditcardgebruik retailers extra kosten opleverden, brachten retailers extra kosten in rekening bij het gebruik van een creditcard. Creditcardbedrijven stelden toen voor kosten voor creditcardtransacties als status-quo neer te zetten en overige betalingsmethodes af te schilderen als zijnde met korting.

En toch kunnen we mensen een zetje in de goede richting geven. Door met een zachte hand hen naar betere keuzes leiden, zonder hen (en dit is belangrijk) te beperken in hun keuzevrijheid.  Denk hierbij bijvoorbeeld aan scholen en bedrijfscafetaria die alleen gezonde voeding aanbieden, meer rookvrije zones instellen, betere arbeidsvoorwaarden stellen of in het geval van mobiliteit: minder gebruik maken van de auto.

 

Een duwtje in de goede richting

Helaas wil een grote groep autogebruikers nog niet mee veranderen. Soms is dit deels begrijpelijk doordat het idee van een zelfrijdende auto best wel eng kan zijn. Maar op het gebied van andere mobiliteitsoplossingen is het al veel minder logisch. Het is echter van belang om niet de strijd met deze groep aan te gaan, want dan weet je bijna zeker dat ze niet gaan veranderen. Het is veel slimmer (en beter) om ze dus een duwtje in de goede richting te geven door gebruik te maken van onbewuste drijfveren. Zoals ons verzamelinstinct (spaaracties), competitiedrang (uitdagingen en spelletjes), kuddeinstinct (zien doet volgen), machtsinstinct (onze gevoeligheid voor status), het korte-termijninstinct (richt je op het hier en nu), et cetera. Hier ligt een schat aan (onbenutte) mogelijkheden.

Er staat in de toekomst ontzettend veel te gebeuren op het gebied van mobiliteit en dat biedt volop kansen. Om deze kansen ook te verzilveren raden wij aan een samenwerking aan te gaan met de menswetenschappen, maar vooral met de (potentiële) gebruikers zelf. De sleutel van de deur naar verandering zit immers altijd aan de binnenkant.

Volg nieuwe ontwikkelingen op de voet. Laat u inspireren.